Ik weet niet wat je nog meer van me wil (vangst #135)

Liefde en wetenschap deze week. Dennis Pauwels mijmert over het fenomeen van de aanspreking. Waar de literatuurwetenschappen en de psychologie constateren dat er steeds minder aangesproken wordt, voelt de schrijver dat de achterliggende nood om gezien te worden, springlevend is. Johan De Crom houdt een pleidooi voor informatie: hoe meer we van elkaar weten, hoe beter de seks, hoe levendiger het leven. Ook René van Densen is verliefd – en daar is eigenlijk alles mee gezegd.

Goethe wist het al: Newtons lichttheorie doet niets af aan de schoonheid van een regenboog.

Ergens in de kinderjaren raken we het kwijt. Er komt een dag waarop je vader of je moeder net dat tikkeltje té geërgerd reageert op de vraag ‘Papaaa, kan je…’ en de durf verdwijnt. We leren het af. Tegelijk, dat voelde ik in die trein, blijven ouders paraat staan. Wachtend, vrezend, verlangend zelfs, op dat moment dat ze toch weer nodig zijn.

Uit: Mama! op Brieven aan mijn zoon

Het is niet het mysterie dat tot hartstocht leidt, noch het geduld, hoe lang houd je eiwit stijfgeklopt? Neen. Alleen van ongeremdheid en open communicatie wordt ons kruis nat en gaan de poorten open. Daarachter loopt een spoor van ontspanning en veiligheid, vertakken zich wegen om langs te verbinden, krioelen hersenspinsels om in lepeltjeslig samen doorheen te woelen, terwijl je haar langs de slapen streelt. Er ligt een Kalmthoutse heide aan brandbaar materiaal, je hoeft het vuur maar aan te poken.

Uit: Lekker neuken om goed te praten door Johan De Crom

Ik voel me soms zo ontspannen dat ik me een schop onder de kont moet geven om te luisteren naar wat ze daadwerkelijk zegt. Omdat ik me bijna in tevreden steen voel vormen. Ik wil alleen nog maar nabij haar zijn en me zo voelen.

Natuurlijk zouden er dingen zijn die wetenschappers hierover zeggen. Of spiritueel onderlegde experts. Of vrienden, familie, statistici, bedrijven die data van ons op allerlei private servers opslaan. Maar ik kijk in haar ogen en ruik haar en de wereld ruikt juist. Ik weet niet wat je nog meer van me wil.

Uit: De wereld ruikt juist door René van Densen

Plaats een reactie